Pastoor C. Mennen
e-mail: info@mennenpr.nl
cui resistite
home

liturgie

getijdengebed
preken
voordrachten

vrijmoedig commentaar

ons geloof

documenten




De auteur van onderstaand stuk is een voormalig lid van de Franciscanen van de Onbevlekte en doceert dogmatische theologie aan de theologische faculteit van Lugano in Zwitserland en verleent pastorale dienst in Engeland, bij St. Mary’s church in Gosport, in het bisdom Portmouth. Opmerkelijk onder zijn boeken is: “Vatican II, a Pastoral Council: Hermeneutics of Councel Teaching”, Gracewing, 2016. Van bijzondere betekenis is dat hij onder de oorzaken van de huidige crisis verwijst naar het binnenkerkelijk verzet tegen de encycliek “Humanae Vitae”, de meest belangrijke tekst van het magisterium van Paulus VI, de paus die op 14 oktober wordt heilig verklaard.

Naar de oorzaak van de crisis in de Kerk van vandaag
door Serafino M. Lanzetta

Onze heilige Moeder de Kerk wordt geconfronteerd met een crisis zonder weerga in haar hele geschiedenis. Misbruik van allerlei soort, met name in de seksuele sfeer, zijn er altijd geweest onder de clerus. De huidige epidemie echter is atypisch voor een snijpunt van een morele en een leerstellige crisis waarvan de wortels dieper liggen dan het simpele wangedrag van bepaalde leden van de hiërarchie en de clerus. We moeten onder de oppervlakte gaan en dieper graven. Leerstellige verwarring brengt morele wanorde voort en vice versa; seksueel misbruik heeft nu zo lange jaren gedijd onder de dekmantel van toegeeflijkheid, in die mate dat het stilzwijgend de seksuele moraalleer heeft veranderd in een anachronistisch verhaal. Ongetwijfeld bestaat deze crisis, zoals bisschop Philip Egan van Portsmouth UK zegt, op drie niveaus: “allereerst de zogenaamde lijst van zonden en misdrijven tegen de jongeren door leden van de clerus; ten tweede de homoseksuele netwerken rond aartsbisschop Theodore McCarrick, maar ook aanwezig in andere gebieden door heel de Kerk; ten derde het verkeerd behandelen en het toedekken van dit alles door de hiërarchie tot in de hoogste kringen toe.”
Hoe ver moeten we gaan om de wortels van deze crisis te kunnen aanwijzen? We kunnen, onder andere, met name twee morele oorzaken aanwijzen als de belangrijkste wortel. Eén oorzaak is verwijderd verbonden met dit probleem dat de Kerk nu teistert, de andere van meer nabij.

*
Als eerste oorzaak kan worden aangewezen het verzet binnen de Kerk tegen de encycliek “Humanae Vitae”. Door verzet aan te tekenen tegen het onlosmakelijke verbond tussen de principes van eenwording en voortplanting in het huwelijk was de weg geplaveid voor het tolereren van andere vormen van eenwording en die te rechtvaardigen in de naam van de liefde. Liefde moest vóór en boven de onveranderlijkheid van de natuur worden geplaatst. Contraceptie zou worden beschouwd als een wettig moreel middel waardoor voorrang wordt gegeven aan de verantwoordelijkheid van de mens boven de natuurwet van God en de goddelijke wet. In werkelijkheid was het scenario dat zich ontwikkelde heel anders.
Feitelijk moest de voortplanting, als die niet langer de eerste en hoogste zegen van het huwelijk was, niet alleen losgemaakt worden van de liefde, maar omgekeerd moest de liefde losgemaakt worden van de voortplanting om de voortplanting zonder verbintenis te kunnen rechtvaardigen evenals de logische conclusie van een liefde zonder voortplanting. Een onvruchtbare liefde, los van zijn natuurlijke en sacramentele context werd met kracht opgedrongen aan maatschappij en Kerk. De identiteit van de liefde staat op het spel. Zoals onlangs werd opgemerkt door bisschop Kevin Doran, de voorzitter van het Comité voor bio-ethische vraagstukken van de Ierse bisschoppen: er is een “direct verband tussen de ‘contraceptieve mentaliteit’ en het verrassend hoge aantal mensen dat nu bereid lijkt het huwelijk te herdefiniëren als een relatie tussen twee mensen zonder onderscheid van sekse.” Hij voegde er ook aan toe dat als de liefdesdaad gescheiden kan worden van zijn voortplantingsdoel, “dat het dan tamelijk moeilijk uit te leggen is waarom een huwelijk iets zou moeten zijn tussen een man en een vrouw.”
De huidige crisis in de Kerk is aan de ene kant een manifestatie van een seksuele identiteitscrisis, een ideologische opstand tegen een Leergezag, dat verankerd ligt in voortdurende morele traditie; en aan de andere kant, het onvermogen het werkelijke probleem aan te pakken, namelijk homoseksualiteit en homoseksuele kringen binnen de clerus. Meer dan 80 % van het bekende seksueel misbruik, gepleegd door de clerus, zijn feitelijk geen gevallen van pedofilie, maar van pederastie. De overtuiging dat iedere vorm van liefde aanvaard moet worden, is meer en meer een gemeenplaats als een gevolg van het opheffen van het verbod op contraceptie, zelfs zonder de dogmatische formuleringen te veranderen. De eigenlijke kern van het Modernisme bestaat in het veranderen van de theorie door de praktijk, door te zorgen dat mensen gewend raken aan gewoontes die door de meerderheid geaccepteerd zijn.
“Humanae Vitae” werd het voorwerp van ongekend protest vanuit de Kerk. Een boek getiteld “The schism of 1968” beschrijft onder andere hoe katholieken actie voerden voor een seksueel aggiornamento. “Aggiornamento” was een van de sleutels om Vaticanum II en zijn documenten te ontsluiten. Kardinalen, bisschoppen en episcopaten speelden een actieve rol in deze opstand. De primaat van België, kardinaal Leo Suenens zorgde er na de publicatie van de encycliek voor dat het gezamenlijke Belgische episcopaat een verklaring tegen “Humane Vitae” publiceerde, zogenaamd in naam van de gewetensvrijheid. Deze verklaring diende samen met de verklaring van het Duitse episcopaat als een voorbeeld voor de protesten van andere episcopaten. Kardinaal John C. Heenan van Westminster beschreef de uitgave van de encycliek van paus Giovanni Battista Montini over het doorgeven van leven als “de grootste schok sedert de reformatie”. Kardinaal Bernard Alfrink stemde zelfs met negen andere Nederlandse bisschoppen voor de Onafhankelijkheidsverklaring die het volk van God opriep het verbod op contraceptie af te wijzen.
In Engeland hebben 50 priesters een protestbrief opgesteld, die in de “Times of London” werd gepubliceerd. Onder deze priesters was ook Michael Winter die zijn besluit het priesterambt te verlaten beschreef als veroorzaakt door de crisis rond “Humanae Vitae”. Winter trouwde later en was in 1985 de auteur van “Whatever happened to Vatican II?” Daarmee wilde hij de leer van het Concilie doen verrijzen uit wat hij zag als de begrafenis ervan door de autoriteiten in Rome. Misschien was hij ervan overtuigd dat de oorsprong van de contraceptie, opgevat als het primaat van de liefde, gevonden moest worden in de leer van Vaticanum II. Winter is ook de stichter van de Beweging voor een Gehuwde Clerus. Wat echt verbazingwekkend is vanuit het gezichtspunt van de clerus – Winter is niet het enige geval – is dat het drama dat zij meemaakten, volgens hun zeggen, bestond in het feit dat de last van het verbod op contraceptie op de schouders van de leken werd gelegd. Hoe konden zij echt  – als het zo was – een dergelijke pijn begrijpen?
Echter, we moeten nog iets anders constateren: als een “officieel” protest tegen “Humanae Vitae”, geleid door kardinalen en bisschoppen wettig werd geacht omdat het overeenkwam met de ideologie van het moment – laten we niet vergeten dat in die jaren de beweging van ’68 erop uit was de christelijke moraal te ondergraven in de naam van vrije seks – dan is het moeilijk in te zien waarom een “officiële” mentaliteit die homoseksualiteit binnen de clerus rechtvaardigt, en ook allerlei soort seksuele verbintenissen, op zekere dag niet zou kunnen worden overgenomen en zelfs de meerderheidsvisie zou kunnen worden. De cover-up cultuur die tegenwoordig wijdverspreid lijkt in episcopaten en clerus, komt hier in eerste instantie uit voort.
“Als de zaak wordt tegengehouden door het bezwaar van het geweten” zoals Tom Burns stelt in “The Tablet” van 3 augustus 1968 (hetzelfde commentaar dat opnieuw verschenen op 28 juli 2018), dan kan er altijd een geweten zijn dat het bezwaar als zodanig verwerpt. Een geweten, dat niet op de eerste plaats verlicht wordt door de waarheid, is als een schip, geteisterd door de zee. Het kapseist. “Het geweten alleen” – dat is een geweten zonder waarheid – is helemaal geen geweten. Het moet worden opgevoed om het goede na te streven en het kwade te verwerpen.
Het is geen geheim dat zij die erop uit waren “Humanae Vitae” uiteindelijk te begraven, zich nu verheugen in de promulgatie van “Amoris Laetitia” alsof een soort gebrek aan liefde in de kerkelijk leer uiteindelijk geheeld wordt. De theologische poging van het ogenblik is “Humanae Vitae” te overwinnen met “Amoris Laetitia” op een zodanige manier dat de meest recente leer van paus Franciscus over liefde in het gezin direct verbonden wordt met “Gaudium et Spes”, met geen enkele verwijzing naar “Humanae Vitae” en “Casti Connubii”. De verleiding om Vaticanum II te isoleren van heel de traditie van de Kerk is nog steeds heel sterk. Zoals het is met “het geweten alleen”, zo is het met één enkel document van het Leergezag (ofwel “Gaudium et Spes” ofwel “Amoris Laetitia”).; geen enkel document kan gelezen worden in het licht van zichzelf maar alleen in het licht van de hele traditie van de Kerk.

*

Na een erg luide opstand, begon de stilte rond de leer. En zo komen we tot de directe oorzaak van dit schandaal:  het toedekken van de leer over de zonde. Het woord “zonde” verdween bijna helemaal in de nasleep van Vaticanum II. Zonde – als een scheiding van God en belediging van Hem, als een zich afkeren van God en een gericht staan op het geschapene – werd genegeerd. Het enorme gat dat door de zondeleer was geslagen, werd nu opgevuld door psychologische observaties van de rijkgeschakeerde toestand van de zwakte in de mens. Spirituele theologie werd vervangen door het lezen van Freud en Jung, de echte leraren van menig seminarie. Zonde werd irrelevant omdat gevoel van eigenwaarde en het overwinnen van alle taboes, met name in de seksuele sfeer, de nieuwe kerkelijke codewoorden waren.
Aan de andere kant heeft een nieuwe theologie van de barmhartigheid, met name die door kardinaal Kasper werd gepromoot, geholpen Gods barmhartigheid te herformuleren als een intrinsieke eigenschap van zijn goddelijk wezen (als dat zo is, is er dan een goddelijke vergiffenis aan zichzelf, aangezien barmhartigheid berouw en vergiffenis vereist) met de bedoeling af te rekenen met de straffende rechtvaardigheid  door deze te veranderen in een altijd vergevende liefde. Speelt bij deze nieuwe definitie de eeuwige straf in de hel nog enige rol? Barmhartigheid is het theologische surrogaat geworden van het toedekken van de zonde, van het negeren ervan, en van het onder de mantel van de vergeving nemen. Luthers idee van de rechtvaardiging staat hier niet ver vanaf.
Het zou interessant zijn de personen onder de clerus die dergelijke verschrikkelijke misdaden begaan, te vragen wat zij denken over zonde. De Schriftuurlijke leer van St.-Paulus: “….Zij die Christus Jezus toebehoren hebben het vlees gekruisigd met zijn hartstochten en begeerten” (Gal. 5, 24) kan gemakkelijk ouderwetse moraal lijken, niet omdat de Schrift verkeerd is of niet door de Heilige Geest geïnspireerd, maar simpelweg omdat het voorhouden van een dergelijke leer aan onze moderne maatschappij alleen maar anachronistisch en ouderwets zou zijn. Men heeft de geest van de wereld – vaak gemengd met de een vermeende “geest van het Concilie” – toegestaan de echte leer van geloof en zeden te verstikken.
Is klerikalisme ook een oorzaak van de huidige seksuele misbruikcrisis? Paus Franciscus heeft dit herhaaldelijk gezegd. Zeker, klerikale macht werd gehanteerd bij de seksuele  onderdrukking van seminaristen en mannen in opleiding. Maar het is erg moeilijk te begrijpen hoe klerikalisme het misbruik van generaties kan verklaren als homoseksualiteit daar geen rol in speelt. Het zou hetzelfde zijn als wanneer je zegt dat een drinker altijd dronken is, niet omdat hij drankverslaafd is maar omdat hij geld heeft en zoveel alcohol kan kopen als hij wil. Klerikalisme kan niet het enige antwoord zijn, ook omdat er een andere vorm van bestaat – meer geraffineerd maar dikwijls buiten beschouwing gelaten, die veel erger is: dat namelijk iemand van zijn klerikale macht gebruik maakt om een gezonde leer te corrumperen. De clerus beschouwt zichzelf heel gemakkelijk als de eigenaars van het evangelie en eigent zich vrijheden toe te dispenseren van voorschriften van God en van de Kerk overeenkomstig de modetheologie van het ogenblik. Wanneer men niet meer vasthoudt aan de rechte leer van de Kerk, kan men heel gemakkelijke vallen in de put van het kietelen van jezelf en van de zonde. Omgekeerd is een leven van zonde zonder Gods heiligmakende genade de beste bondgenoot bij het manipuleren van de leer. Leer en geloof en het morele leven gaan altijd hand in hand.

Samenvattend: de echte oorzaak van dit vreselijke schandaal dat aan het licht gekomen is, is het Modernisme dat tegenwoordig al weer Postmodernisme is geworden. Het is begonnen met het willen veranderen van dogmatische formules naarmate de tijd verandert. Maar nu is het al zo ver dat men de dogmatische formules compleet negeert. De leer is veilig net als een belangrijk boek op erg stoffige plank, maar heeft niets meer te maken met het ritme van het alledaagse leven.
Er mag geen twijfel bestaan over de omvang van deze crisis en de noodzaak om actie te ondernemen om dit huidige kwaad uit te roeien. Maar deze drastische actie, die hopelijk spoedig zal beginnen, zal helemaal niet werken als we niet eerst terugkeren naar de waarheid van de liefde en verstandig inzien dat een contraceptieve mentaliteit ons alleen in een straffe demografische winter heeft gebracht met een cultuur van de dood.
Contraceptie is onvruchtbare liefde die de mogelijkheid opent tot een liefde buiten haar context, buiten haarzelf, onrijp. Een dode liefde bedreigt nu de Kerk met de zichtbare repercussies ervan in het seksueel misbruik en de klerikale schandalen. De mentaliteit van de wereld heet enorme invloed gehad op het leven van de Kerk. Uiteindelijk moeten we dingen weer bij name gaan noemen. Zonde is nog steeds zonde. Als we daartoe niet de kracht hebben, is dat al een teken dat de zonde heeft gewonnen. Als we de zonde niet bij name noemen, dan plaveien we de weg voor haar in plaats van haar uit te roeien.


Vertaling: C. Mennen pr
De ziekte van de Kerk heet Postmodernisme.

De diagnose van een theoloog