O domme KBO-bestuurders, wie heeft u behekst?
(vgl. Gal. 3, 1)

Pater Cees van Bavel is vijftig jaar priester. Hij schaart zich in het Eindhovens Dagblad bij collega’s van dezelfde lichting zoals oud-deken Cor Peters, die allen blijk geven van een stuitende oppervlakkigheid als het gaat over de invulling van hun priesterschap. Pater Cees “heeft het vaak over de arbeiders terwijl het woord God nauwelijks valt”, constateert de verslaggever. Over God heeft hij alleen het volgende mee te delen: "God is een mysterie, net als het leven. Ik leef op liefde en gevoel, dat kun je niet regelen. Ik stel mij alleen maar in tegenwoordigheid van God, de rest komt dan vanzelf." Hij noemt de jonge priesters die houden van regeltjes oud van geest. En dat is het eigenlijk wat de spraakmakende ouderen blijkbaar samenbindt: een afkeer van “regeltjes die uit Rome komen” en een verregaand horizontalisme gepaard aan een gebrek aan katholieke spiritualiteit.

Waarschijnlijk geestelijk gevoed door de van Bavels, de Petersen en de Baetens hebben nu ook 120 KBO-bestuurders uit de provincie Brabant zich met een vermanend vingertje tot de Bisschoppen gericht. Voor het geval u het niet weet: de KBO is de katholieke bejaardenbond. Ik heb het verhaal uit de Nestor, hun lijfblad. Op de vergadering van 26 juni jl werd gevraagd of de KBO niet moest reageren “op alle aandacht voor regels als knielen in plaats van buigen, hostie op de tong bij de communie onder twee gedaanten, koor niet voor het tabernakel… Een en ander past niet meer. Ouderen ervaren het als een teruggrijpen op het verleden.” De vergadering riep het bestuur op de bisschoppen op het volgende te wijzen: “De ouderen hebben de ontwikkeling meegemaakt van de pastorale taak van de kerk. De aandacht daarin voor mensen in hun persoonlijke leefsituatie. Die pastorale benadering lijkt nu te moeten wijken voor een disciplinerende aanpak met te veel aandacht voor wetten en regels.”

Lieve oudjes, regels zijn er nooit om zichzelf. Regels hebben altijd een hoger doel om namelijk het spel goed en fair te spelen, om te voorkomen dat er vals gespeeld wordt of dat alles door elkaar gaat lopen. Dat is in de sport zo, in de maatschappij, zelf in de KBO en dus ook in de Kerk Waar de regels veronachtzaamd worden, geldt het recht van de sterkste en worden de zwaksten altijd onderdrukt.
De regels in de Kerk, en met name in de liturgie, zijn er om het heilige te beschermen, om de waarde en de waardigheid van de sacramenten te beschermen, om te zorgen dat het geloof van de katholieke Kerk niet verduisterd wordt. Regels zijn er niet in de laatste plaats om eenvoudige katholieken de echtheid van de liturgie en de sacramenten te garanderen.

In de brief van de bisschoppen staat overigens niets nieuws. Het zijn regelingen en voorschriften die al altijd gegolden hebben: op bepaalde momenten in de viering staan, zitten, knielen of buigen om zo de houding aan te nemen die past bij dat onderdeel van de viering. Staan, knielen en buigen zijn eerbiedsbetuigingen van verschillende intensiteit. Is het zo vreemd daaraan als gemeenschap zoveel mogelijk vast te houden? Getuigt het van eerbied voor de aanwezigheid van de Heer in het tabernakel als daar een koor met zijn rug naar toe zit, soms de partituren op het hoogaltaar legt en het vrije zicht op het tabernakel ontneemt doordat ze de trappen naar het hoogaltaar als hun podium gebruiken. Kunnen bovendien de gelovigen in de kerk zich concentreren op de heilige handeling aan het altaar (en daar gaat het toch om) als daarachter een koor staat. Dan ontbreekt de noodzakelijke rust. Het koor hoort volgens de regels van de liturgie niet in de altaarruimte. Het hoort opzij tussen altaar en volk. De communie onder twee gedaanten is alleen in vieringen met een beperkt aantal mensen toegestaan. Waarom? Omdat de Kerk bang is dat er met het H. Bloed geknoeid gaat worden. Dat is ook de reden dat men alleen uit de kelk mag drinken of dat bij indopen de priester de hostie alleen in de mond mag leggen terwijl steeds onder hostie een pateen gehouden wordt. Het is dus niet zomaar een regeltje, het is een kwestie van eerbied voor het Allerheiligste. En als men bewust die eerbied niet op wil brengen door die regels niet in acht te nemen, doet men afbreuk aan het katholieke geloof en aan de eerbied die men aan God verschuldigd is.

Lieve bestuurders van de KBO, het zou beter zijn dat u zich eens verdiepte in het waarom van de regels van de Kerk voordat u domme brieven aan de Bisschoppen gaat schrijven. Daarbij zou u zich ook eens moeten afvragen waarom Ton Baeten steeds weer met de Kerk in conflict is. Niet omdat hij zo pastoraal en tegen regels is. Ben je mal. Hij heeft zijn eigen regels en in veel opzichten heeft hij zich geestelijk los gemaakt van de katholieke Kerk. En dat komt goed aan in onze tijd. Je bent inderdaad getapt, als niet tegen samenwonen bent, als je vindt dat abortus in bepaalde gevallen wel zou moeten kunnen; en dat euthanasie een menselijke oplossing is. Zo kan ik nog wel even doorgaan. Maar dan moet u zich wel realiseren dat die standpunten niets met Jezus en zijn evangelie te maken hebben; dat dit heidense standpunten zijn en geen katholieke. Dat heeft dus niks met “pastoraal” te maken, eerder met verleidelijke misleiding. Pastoraal is de manier waarop de Kerk haar gelovigen tot God brengt. Daarbij horen de hoge eisen van het evangelie. Daarbij hoort begrip voor de zondaar voor wie altijd vergeving en een nieuw begin is. Maar met het goedkeuren van de zonde, hoe leuk mensen dat ook vinden, wordt niemand bij God gebracht. De zonde leidt immers volgens de woorden van Jezus zelf naar de ondergang.

24 juli 2008


VRIJMOEDIG
COMMENTAAR