
DE OUWE TAAIEN
De bejaarden roeren zich nogal in de kerk en wie dan op basis van hun leeftijd wijsheid zou verwachten komt bedrogen uit.
Toch is het eigenlijk heel simpel. De katholieke Kerk heeft een leer en een daarop geënte discipline. Die leer ligt vervat in de levende traditie van de Kerk, de eeuwen door verwoord in Concilies, uitspraken van het pauselijk leergezag en van het leergezag van de bisschoppen. De katholieke Kerk is er zich altijd sterk van bewust geweest dat haar door Christus de geopenbaarde waarheid geschonken is en dat zij de taak heeft deze geopenbaarde waarheid ongeschonden door te geven aan de volgende generaties en aan de volkeren die haar nog niet kennen. Treden er afwijkingen op in leer of discipline dan is het altijd het apostolisch gezag van paus en bisschoppen geweest dat onder leiding van de heilige Geest de Kerk in het juiste spoor houdt. Er zijn telkens nieuwe bewegingen en nieuwe ontwikkelingen in de Kerk maar ze worden uiteindelijk getoetst door het apostolisch gezag. En wie constant en hardnekkig tegen het apostolisch gezag in de Kerk ingaat, heeft op zijn minst schismatieke neigingen en als het over een hardnekkig ingaan tegen de geloofsleer gaat, zijn het gevallen van ketterij. Beide zijn ernstige misdrijven tegen de eenheid van de Kerk. Zo simpel is het en zal het ook blijven wat de Brabantse Bejaardenbond of Richard Westerlaak van de vereniging “’n Herberg”, een dochter van wijlen de acht-mei-beweging, ook beweren mogen.
Allereerst Richard! Hij vindt bisschop de Korte “even star in de leer” als zijn voorganger Eijk. Nou is het toevallig zo, Richard, dat dat een van de voornaamste taken is van een bisschop in de katholieke Kerk. Hij moet namelijk de geloofsleer bewaren en bewaken. Hij kan niet frank en vrolijk allerlei dingen roepen die jij zou willen. Het eigene van een bisschop is dat hij staat voor de leer en de discipline van de katholieke Kerk. Jij noemt die een beetje denigrerend “de richtlijnen van Rome”. Bovendien maak jij van die richtlijnen een karikatuur. Jij citeert de brief van de bisschoppen over de eerbied: “Volgens de nieuwe richtlijn mag er niets meer staan tussen de priesters en het tabernakel waar willicht de hosties bewaard worden.” Daaraan verbind je de conclusie dat alles terug gaat naar vroeger en naar de situatie waar “de priester met de rug naar de gelovigen toestaat”. Nergens uit de brief blijkt dat de bisschoppen deze bedoeling zouden hebben. U roept maar wat om de ouwetjes die steeds roepen dat ze trots zijn op de verworvenheden van de jaren zestig te mobiliseren. Bovendien, iedereen met enige sensus catholicus vindt het vreemd als koren op de trappen van het hoogaltaar staan met de rug naar het heilig sacrament en daarenboven nog in een concertopstelling waarbij de vroegere zangzolder nog heilig was en die helemaal niet past bij de geest van Vaticanun II waar jij toch altijd bij zweert. Ronduit demagogisch is je uitspraak: “Wanneer mensen gelovend, biddend en zingend bijeen zijn, lijkt dat van mindere orde. Belangrijk zijn alleen de priester en de eucharistie. Wat blijft er dan nog over van de uitspraak van Jezus: ‘Als er meer dan twee mensen in mijn naam bijeen zijn, ben Ik in hun midden.’..” Het is dwaas en verwerpelijk de biddende gemeenschap en de priester en de eucharistie tegen elkaar af te zetten. Deze horen principieel bij elkaar. Dat zeggen Concilie en bisschoppen onophoudelijk. De eucharistie staat op de zondag centraal: dat zijn biddende (en zingende) mensen die op de hoogst mogelijke wijze hun geloof vieren. Het is Christus die samen met zijn volk de hoogste eredienst brengt aan de Vader in het offer van het kruis. Dat kan alleen als de bisschop (of in zijn naam de priester) de viering voorzit en Christus sacramenteel vertegenwoordigt. Voor deze katholieke leer vanaf het begin komen de bisschoppen op, beste Richard. Zo komen ook de gelovigen het best tot hun recht. Als er nu kleine groepjes katholieken samenkomen op zondag tegen de wens de bisschop in en hun “eigen viering” houden, dan kan dat niet in Jezus’ naam zijn. Mensen die dit hardnekkig doen vervreemden zelf van de Kerk van Christus en zaaien verwarring en verdeeldheid. Hardnekkig woord- en communiediensten aanbevelen “omdat mensen het gevoel hebben dat ze samen vieren en een gemeenschap vormen, dat Jezus in hun midden is”, is niet katholiek omdat volkomen afwijkt van iedere katholieke traditie en voortdurend door de bisschoppen wordt veroordeeld.
Verder zeg je: “Pastoraal werkers zet hij neer als tweederangs zielzorgers”. De zielzorg in de katholieke Kerk wordt met gezag uitgeoefend door de bisschoppen en hun medewerkers, de priesters. Zij zijn daartoe gewijd en delen zo in het herdersambt van Christus. Zij zijn dan ook de enigen, zo is bij herhaling door paus en bisschoppen gezegd, die het predicaat “pastor” mogen dragen. Aan leken en zelfs aan diakens komt deze titel niet toe. Zij zijn dus geen zielzorgers in de eigenlijke kerkelijke zin van het woord. Zij kunnen geroepen worden met de bisschop of de priesters in de zielzorg mee te werken maar zij kunnen dit nooit op eigen gezag. Als jij dat “tweederangs” noemt, dan zijn dat jouw woorden.
Hoe vreselijk is het volgens jou, Richard, dat de nieuwe bisschop “de opvatting van deze paus” onderschrijft dat protestantse kerken geen echte kerken zijn. Je bent niet goed op de hoogte: immers het Concilie heeft dat al heel duidelijk gesteld in de gebruikte terminologie “kerk” voor hen die het sacrament van de wijding en daarmee de eucharistie geldig hebben bewaard en “kerkelijke gemeenschap” voor hen die niet het sacrament van de wijding en dus geen geldige eucharistie hebben. Dit is nadien verschillende keren herhaald als gewone katholieke opvatting die te maken heeft met het centrale belang dat de katholieke Kerk hecht aan Christus die via de apostolische successie en de daarmee verbonden eucharistie zichtbaar in zijn Kerk aanwezig is en zijn Kerk tot Kerk vormt.
Nu nog de Brabantse bejaardenbond (KBO) die bij monde van mevr. Marielle Peters-Sips (jaargang 1943) zijn onvrede uit over de bisschoppelijke brief over de eerbied in de liturgie. Zij kunnen het blijkbaar niet verkroppen dat de bisschop voorkomen heeft dat oud-abt Baeten hun geestelijk adviseur zou worden. Van de weeromstuit blijven ze nu. zelfs een beetje onnozel als verongelijke kinderen, handelen in zijn geest, geheel tegendraads.
De bejaarden van haar bond zijn volgens mevr. Peters-Sips tegen meer eerbied in de liturgie want ze voelen meer voor pastorale nabijheid dan voor wetten en regels. Lieve mevrouw, lieve oudjes, het gaat in de liturgie ten enenmale niet over pastorale nabijheid. In de liturgie gaat het over eredienst en over de mysteries van ons heil. Daar past eerbied en ingetogenheid. Buiten de kerk is nog plaats genoeg voor pastorale nabijheid.
Nog niet zo lang geleden heeft een bedevaart vanuit Brabant met voornamelijk bejaarde mensen de Duitsers in Kevelaer verbaasd en geërgerd. Tot aan het begin van de viering hebben ze in de basiliek gezellig met elkaar zitten keuvelen en met hun werelds geroezemoes serieuze pelgrims het bidden onmogelijk gemaakt. Is dat het wat de KBO voorstaat? Is dat de wetteloosheid en de gezellige nabijheid waaraan men in de kerk gehecht is? Of zou dat soms het gedrag zijn dat verhinderd heeft dat jonge mensen het mysterie van Gods nabijheid in Christus konden ervaren. Zijn doordat “zij zich beter bij de kerk thuis voelden” de jongeren van de Kerk vervreemd. Jongeren hebben in ieder geval geen boodschap aan de “maakbare kerk” die mevr. Peters-Sips en haren voorstaan. Dit lijken ze echter niet in te zien.
Richard en zijn Herberg, mevr. Peters-Sips en de KBO hebben één ding gemeen. Ze blijven hardnekkig op het verkeerde paard uit de jaren zestig wedden. Het zijn met recht ouwe taaien.
3 oktober 2008



VRIJMOEDIG
COMMENTAAR