Ds Bas Plaisier en zijn oecumene

We zijn in de oecumene, zeker met de protestanten, nog ver van huis. Er zijn werelden van verschil tussen katholiek en protestants denken. En dan bedoel ik met katholiek niet per se rooms-katholiek maar ook oosters-orthodox en anglokatholiek. En met protestant bedoel ik in dit verband heel de waaier van kerkelijke gemeenschappen die uit de Reformatie zijn voortgekomen, inclusief een groot gedeelte van de Anglicaanse gemeenschap.
Dat fundamentele verschil in denken ligt in het feit dat het katholieke denken sacramenteel is, iets wat bij de protestantse gemeenschappeen vrijwel ontbreekt. In katholieke opvatting is leeft Christus voort in zijn Kerk, die een zichtbare en onzichtbare component heeft. Die twee componenten zijn niet van elkaar te scheiden. Die concrete, gestructureerde aardse Kerk is de Kerk van Jezus Christus die door de heilige Geest geleid wordt. Aan die Kerk heeft Christus zijn woord en zijn sacramenten toevertrouwd waardoor die wordt opgebouwd. In die Kerk wordt het Woord van Christus onfeilbaar verkondigd door het apostolisch ambt van de bisschoppen in eenheid met elkaar en de Kerk van alle eeuwen. In die Kerk zet Christus zijn heilswerk voort in de sacramenten die de gegarandeerde momenten van zijn werkzame aanwezigheid zijn.
In de protestantse gemeenschappen zijn de zichtbare en onzichtbare Kerk vaak twee gescheiden dingen. Het gaat altijd om de geestelijke Kerk die als het ware een beetje zweeft boven de zichtbare Kerk. Sacramenten zijn bij hen alleen een soort zichtbaar maken van het Woord; ze hebben geen eigen realiteit in zich. Ze verwijzen hoogstens naar die geestelijke realiteit.

Dit verschil in denken heeft grote gevolgen. Voor de katholieke Kerk zijn het bestaan van het apostolisch ambt in zijn drieslag van bisschop, priester en diaken en het aanvaarden van de zeven sacramenten fundamenteel om van Kerk te kunnen spreken. Voor de katholieke Kerken kunnen er geen echte kerken bestaan zonder een geldig apostolisch ambt in de volledige apostolische successie en geldige sacramenten. Voor protestantse gemeenschappen is er altijd wel een ambt maar dat heeft nooit dezelfde waarde als in de katholieke Kerken. Het wordt hoogstens in geestelijke zin beschouwd als staande in de apostolische successie. Sommigen in de calvinistische traditie hebben een soort drieslag van predikant, ouderling, diaken. Lutheranen hebben soms bisschoppen en predikanten maar meestal geen ouderlingen en diakens. Men aanvaardt dit van elkaar. Kort door de bocht gezegd: er moet een ambt zijn maar hoe dat geregeld is maakt eigenlijk niet zo veel uit. Er zijn ook protestantse richtingen waar men geen echt ambt meer kent en waar iedereen de leiding kan nemen. De protestantse gemeenschappen kennen over het algemeen maar twee sacramenten, doop en avondmaal maar het ontbreken van een nooddoop en het maar weinig vieren van het avondmaal geven de geringe heilsbetekenis aan van de sacramenten in protestantse zin. Er zijn dan ook protestantse groeperingen die geen sacramenten praktiseren.

Hett sacramentele denken is voor de katholieke traditie van zo wezenlijk belang dat zij alleen aan gemeenschappen die de werkelijke apostolische successie en in verband daarmee de geldige sacramenten hebben bewaard, de titel Kerk kan geven. In de andere (protestantse) gemeenschappen kan zij wel elementen ontdekken die naar kerk-zijn tenderen maar die onvoldoende zijn om echt van Kerken te spreken. Zij noemt ze dan ook “kerkelijke gemeenschappen”.

Ds Bas Plaisier is een echte protestant die, hoewel hij waarschijnlijk erg voor de oeucmene is, nog heel weinig van het katholieke denken heeft begrepen. Daarvan geeft hij blijk in zijn column van deze week op
www.katholieknederland.nl Hij vraagt zich af of de aangekondigde Constitutie die het Anglicanen met behoud van traditie gemakkelijk maakt toe te treden tot de volle gemeenschap met de kathólieke Kerk, nog wel kosher te noemen is. Hij verwijt Rome dat het misbruik maakt van de crisis in de Anglicaanse kerk en hij zegt dat het vanuit Rome “om een puur machtspel” zou gaan. Aangezien protestanten nauwelijks een basis hebben voor kerkvorming dan alleen de Heilige Schrift (sola scriptura) die dan weer onder individuele inspiratie van de Heilige Geest op honderdeneen manieren wordt uitgelegd wat resulteert in even zovele gemeenschappen, moeten zij, willen ze tot een zekere eenheid geraken komen tot een modaliteitenkerk waarin onder één dak orthodoxen, middenliberale en vrijzinnige protestanten verenigd worden. Dat is de interne protestantse oecumene waarin geloof en kerkorde secundair zijn en waarin je geroepen bent (voor mij als katholiek onmogelijke) spanningen uit te houden omwille van de eenheid.

Met diezelfde protestantse ogen kijkt hij ook naar de anglicanen. Ze moeten het (net als in de PKN) met elkaar uithouden ook zijn de verschillen nog zo groot.

Voor de anglokatholieken wordt de situatie, willen ze katholiek blijven, langzamerhand echter onhoudbaar. Het afwijken van de traditionele katholieke moraal, het toelaten van vrouwen tot de ambten (wat in conflict komt het sacramenteel verstaan van het ambt en dus protestantiserend is) doet hen zich steeds minder thuis voelen in de Anglicaanse gemeenschap. De Anglicana stuurt ze zelf steeds meer richting van Rome of van Orthodoxie. Daar kunnen ze zichzelf zijn en katholiek blijven, niet langer meer in de Anglicana.

Als een goede herder opent de paus nu de mogelijkheden voor katholieke Anglicaanse gemeenschappen om een volwaardige plaats in de katholieke Kerk in te nemen met behoud van de tradities die ze ontwikkeld hebben naar de betreurenswaardige kerkscheiding vanwege de echtscheiding van Hendrik VIII.

Ronduit stuitend vind ik de zin van ds Plaisier “Je mag allerlei ‘eigenaardigheden’ vanuit je eigen traditie meenemen - gehuwd blijven en dergelijke ‘vreemde’ dingen meer - als je maar in de moederschoot terugkeert.” Te doen alsof de Kerk de eigenheden van bepaalde groepen “eigenaardigheden” zou noemen en ze alleen maar uit machtsoogpunt zou dulden, miskent de grote en diverse tradities van de katholieke Kerk die uit vele rituskerken met zeer veel verschillende gerespecteerde liturgische tradities en gewoonten bestaat. Die miskent ook dat in verschillende delen van de katholieke Kerk geen verplicht celibaat bestaat en dat er al lang de pastorale mogelijkheid bestaat dat gehuwde ambtsdragers uit andere gemeenschappen die tot de volle gemeenschap met de katholieke Kerk toetreden tot gehuwd priester gewijd kunnen worden.

De bijdrage van ds Plaisier maakt eens te meer duidelijk dat de oecumene met de orthodoxen en de anglokatholieken vooralsnog meer perspectief biedt dan de oecumene met de protestanten die feitelijk wat geloofsinhoud steeds verder van ons lijken af te groeien in plaats van naar ons toe. Dat de protestanten dan lijken te kiezen voor een oecumene zonder werkelijk duidelijke inhoud alleen gebaseerd op een vaag soort organisatorische eenheid waarin iedereen elkaar de ruimte laat, maakt de zaak van de oecumene alleen maar triester. De katholieke Kerk zal hier namelijk principieel nooit en te nimmer voor kunnen kiezen.

C. Mennen pr
7 november hoogfeest van St. Willibrord