
Bij de opdracht van Jezus in de tempel profeteerde de oude Simeon: “Dit Kind is bestemd tot val of opstanding van velen in Israël, tot een teken dat weersproken wordt, opdat de gezindheid van vele harten openbaar mag worden.” Jezus roept op tot keuze en niet iedereen zal feitelijk voor Hem kiezen. Jezus zal een voorwerp van haat en strijd worden. Zo was het toen en zo is het in de geschiedenis gebleven. Het evangelie, Jezus’ normen en waarden zijn in de geschiedenis steeds weer een teken van tegenspraak geweest. En mensen die zich inzetten voor die normen en waarden zijn vaak verguisd en in het voetspoor van Jezus als martelaar gestorven.
Als wij vandaag op het feest van de heilige Familie stilstaan bij de christelijke normen en waarden rond huwelijk en gezin, dan zien we dat die meer dan ooit een teken van tegenspraak zijn geworden. De meeste mensen, zelfs al zijn ze gedoopt, trekken zich niet erg veel aan van de christelijke normen rond huwelijk en gezin. Ze richten zich niet op de normen en waarden die de Kerk van Christus ons voorhoudt. Ze richten zich op de normen die binnen een niet-christelijke samenleving worden gepropageerd, omdat je dan bij de grote hoop hoort (het kuddediereffect) en vooral ook omdat het gemakkelijk is. Dat onchristelijk leven is zo algemeen geworden, dat bijna iedereen eraan gewend is en het goedkeurt. En o wee als iemand het anders doet? Dan krijg je de publiek opinie over je heen. Iemand die niet samen wil wonen voor het huwelijk, wordt voor gek versleten. Iemand die meer dan het gemiddelde aantal kinderen heeft, krijgt daar nogal wat opmerkingen over. Een vrouw die thuis blijft om voor haar gezin te zorgen moet zich steeds weer verantwoorden. Kinderen die thuis leren bidden zijn zeldzaam. Bidden is iets wat soms nog gebeurt als oma er is.
Jezus is er tot val of opstanding. Zij normen houden mensen staande voor God aangezicht. Ik wil die normen toch maar weer voorhouden, al ben je populairder als je erover zwijgt. Want op dit punt houdt niemand van de waarheid, lijkt het.
Wij mogen immers geen slaven zijn van de maatschappelijke mode. Wij moeten kiezen: kiezen tussen twee liefdes, zoals Augustinus het uitdrukt: voor de Godsliefde, die haar toppunt vindt in de zelfverloochening of voor de eigenliefde, die haar toppunt vindt in de verloochening van God. Voor die keuze staan we als christenen ook met betrekking tot huwelijk en gezin. De liefde tot God eist van ons dat we Gods bedoelingen met de schepping en met ons mensen realiseren. Onze roeping is liefde. Die liefde is een geestelijke liefde waarin ook ons lichaam deelt. De christelijke openbaring kent twee specifieke wijzen waarop de menselijke persoon in zijn geheel die roeping tot liefde verwezenlijkt en zo beeld van God is: het huwelijk tussen man en vrouw en de maagdelijkheid. Een ander soort huwelijk of een andere door God gewilde weg is er niet. De door God met de schepping aan de mens gegeven seksualiteit is bedoeld als instrument van liefde en om binnen die liefde een nieuw menselijk leven voort te brengen en te doen opgroeien in liefde. Die twee dingen echtelijke liefde en voorplanting zijn van nature door God met elkaar verbonden. De seksuele eenwording is alleen echt menselijk als zij een uitdrukking is van de totale geestelijke levenslange eenwording in liefde. Alleen binnen een dergelijke gemeenschap is een veilige plaats voor kinderen waarop diezelfde daad innerlijk krachtens de schepping gericht staat. De voorbereiding op een christelijk huwelijk bestaat niet samenwonen maar in het naar elkaar toegroeien, waardoor men vanuit de liefde een totale en definitieve keuze voor elkaar kan maken en een levensverbond van liefde en trouw kan sluiten. Als dat verbond gesloten is en binnen dat verbond is pas totale geestelijke en lichamelijke eenwording mogelijk. Dat huwelijk is voor christenen een sacrament, waardoor ze op heel eigen wijze deelnemen aan de liefde van Christus, die zich wegschenkt op het kruis en geroepen worden om hieruit te leven. Liefde betekent dan niet: geven en nemen zoals we vaak zeggen: maar alleen maar geven, je wegschenken aan de ander.
Binnen een dergelijk huwelijk zijn kinderen welkom, als vrucht van de echtelijke liefde en als geschenk van God. Een christen neemt geen kinderen. Hij ontvangt ze als een gave en een opdracht van God. Voor een christen nemen kinderen de belangrijkste plaats in hun huwelijk. Alle materiële dingen moeten daaraan ondergeschikt zijn. Gewetensvol en biddend en geleid door de liefde bepalen zij de gezinsgrootte. Het is op zich een kwalijke zaak, als eindeloze materiële dingen aan kinderen moeten voorafgaan en als het aantal kinderen bepaald wordt op grond van het gemak of het comfort van de ouders. De echte menselijke ontplooiing vind je niet in je werk of materiële dingen, maar juist in de liefde voor elkaar en de zorg voor de kinderen. Het gezin van ouders en kinderen moet een huiskerk zijn, de kleinste cel van gelovig met elkaar levende mensen: Gods wil, gebed en sacramenten moeten er het centrum van zijn. Zo moeten ouders al doende het geloof en de liefde aan hun kinderen leren. Het moet een cel zijn van wederzijdse liefde waarin de ouders er zijn voor de kinderen en deze begeleiden naar christelijke volwassenheid. Daarin spelen, gebed, discipline, offers, gehoorzaamheid, dienstbaarheid een grote rol.
Een christelijk gezin is tegenwoordig een teken van tegenspraak maar dat was Jezus zelf ook. Amen.



Feest van de H. Familie
bij: Sir. 3, 2-6
Kol. 3, 12-21
Lc. 2, 22-40
Jaar B