Aan degene die verantwoordelijkheid draagt voor de mededeling rond het communiceren.
Ik wil er met nadruk op wijzen dat wat daar staat de halve waarheid is en daarmee een leugen. En ik eis dat daar zo spoedig mogelijke een duidelijke correctie op komt.
De bisschop dient erop te wijzen dat er twee kanten aan de zaak zijn:
1. De gewetensbeslissing van de individuele gelovige of hij al dan niet mag communiceren. Hij dient die gewetensbeslissing te toetsen aan de leer en de moraal van de Kerk. Daar radicaal tegenin gaan is voor een katholieke moreel nooit geoorloofd, omdat de Kerk de moeder en leermeesteres (Mater et Magistra cfr. Johannes XXIII) is van alle gelovigen. Met die gewetensbeslissing heeft de priester alleen te maken in een pastoraal gesprek of in de biecht, niet bij het uitreiken van de communie.
2. De priester is echter volgens het kerkelijk recht verplicht als iemand die publiek in zonde leeft te communie gaat deze te weigeren om ergernis te vermijden. Ergernis betekent in dezen een situatie scheppen waarin andere gelovigen zouden denken: wat deze persoon doet is niet zo erg. En zo kan het communie uitreiken aan publieke zondaars de zonde bevorderen. Het is natuurlijk in onze tijd niet altijd duidelijk wat "publiek" is. Maar een prins-carnaval die er geen geheim van maakt publiek met een man samen te leven, is een publieke zondaar die de communie geweigerd moet worden. Maar evenzeer een koordirigent waarvan heel de parochie weet dat hij onhuwd samenwoont.
De huidige commotie is voor het grootste deel het gevolg van het feit, dat het 1 door de meeste priesters en bisschoppen niet meer is gepreekt. En dat door 2 niet toe te passen de ergernis zich alom verspreid heeft, dwz iederen vindt de zonde gewoon. Het is van deze situatie dat Jezus zegt, dat het beter was iemand met een molensteen om de hals in het diepst van de zee te laten zinken, dan dat hij ergernis geeft aan een van deze kleinen.
De kerk dient te zeggen dat praktiserende homoseksuelen volgens hun geweten als dat volgens de katholieke moraal gevormd is, niet te communie mogen gaan. En dat publiek en bij iedereen bekend of demonstratief als homoseksueel levende mensen door iedere katholieke priester geweigerd moeten worden.
De rest is een pastorale leugen.