
Geachte Pastoor Mennen,
Ik heb lang geaarzeld om u deze e-mail te sturen. Maar toen ik via Rorate het commentaar van kardinaal Cassidy omtrent zijn observaties van de Katholieke Kerk in Nederland las, heb ik de stoute schoenen aangetrokken. Uzelf heeft op uw webside ook gereageerd n.a.v. het commentaar van kardinaal Cassidy. U schrijft over de Kerk in Breda, of zij wel te redden valt. Even een korte introductie: Ik ben Pater N., missionaris al 35 jaar werkzaam in Azie met uitzondering van bijna 6 jaar van 2001 t/m 2006 in Nederland. Ik heb uw artikelen gelezen en zou zonder al te veel moeite veel misstoestanden kunnen toevoegen aan uw voorbeelden.
Graag wil ik mijn ervaringen met u delen van mijn laatste vakantie.
Veel mensen hier hebben mij gevraagd hoe mijn vakantie was. Het was goed om mijn familie, vrienden en bekenden te ontmoeten. Ik heb dingen gedaan die ik in geen 50 jaar meer gedaan. Genietend van de natuur, van uitstapjes en etentjes, moet ik toch bekennen dat deze vakantie toch een vakantie was met een bittere smaak, een vakantie met droeve herinneringen. En dat heeft iets te maken met de toestand van de katholieke kerk en haar parochies in Nederland.
In het verleden werd ik altijd gevraagd om uit te helpen, om assistentie te verlenen, zodat bv. een priester op vakantie kon gaan. Gezien het priestertekort op dit moment zou je mogen verwachten, dat mijn aanbod om uit te helpen met beide handen aanvaard zou worden. Helaas was dat niet zo. Ik ben 6 weken in Nederland op vakantie geweest en ik heb zeggen en schrijven in 5 Eucharistievieringen mogen voorgaan.
In het verleden vond ik het een eer om aan de parochianen van mijn parochie het laatste nieuws te vertellen over mijn werk in de missie. En bijna altijd werd ik in de gelegenheid gesteld om de opbrengst van de speciale 2e collecte (vaak de melkbuscollecte achter in de kerk) mee te nemen voor mijn missiewerk. Die traditie schijnt volledig verdwenen te zijn. Jammer.
Veel parochianen vroegen mij waarom ik de H. Mis niet deed in mijn eigen parochie. Met pijn in mijn hart moest ik dan zeggen, dat ik heel erg graag wilde, maar dat mij de gelegenheid niet werd gegeven. De reden is duidelijk: het pastorale team heeft een programma van liturgische diensten opgesteld en dat is geldig voor de volgende 3 of 4 maanden. Men wil daar geen verandering in aanbrengen. Ik begrijp dat best, maar wat ik niet begrijp is, dat er soms op zondagen geen enkele dienst is in onze parochiekerk en ik zit te niksen. De pastoor maakte de opmerking, dat ik op vakantie ben, en daar ook van moet genieten. Als reactie merkte ik op, dat dat helemaal juist is, behalve dan dat ik geen vakantie heb voor O.L. Heer en ik derhalve heus wel voor wil gaan om aan mijn priesterlijke verplichting te voldoen. De H. Mis is tenslotte voor mij als priester erg belangrijk en het is geestelijk voedsel, dat ik niet zou willen en kunnen missen.
In ons plaatselijk krantje las ik dat er in een naburige parochie op dinsdagavond om 7 uur in de dagkapel een gebedsdienst met rozenkrans gehouden zou worden. Ik ernaar toe. Er waren zo’n 20 mensen verzameld in de prachtige dagkapel. Ik ging achterin zitten en deed mee met de zang en rozenkransgebed. Het deed me goed om samen met andere mensen te bidden en de Heer lof te brengen. Na afloop kwamen verschillende mensen naar me toe o.a. diegene die de dienst leidde. Ik heb hem mijn complimenten gegeven voor de manier waarop hij ons in gebed voorging. Hij bedankte me voor mijn aanwezigheid en tot mijn stomme verbazing vertelde hij me dat hij deze dienst al verschillende jaren leidt (al 18 jaar!) en dat ik de eerste priester was die ooit aanwezig was. Niemand van het pastorale team heeft ooit acte de presence gegeven. Voor mij toch ietwat onbegrijpelijk. Maar de pastores hebben het zo druk met allerlei vergaderingen, was zijn opmerking. Maar als er zelfs door de pastores niet meer gebeden wordt samen met parochianen, dan is er toch iets radicaal mis.
Pastorale bevlogenheid schijnt verdwenen te zijn. Men klaagt dat men nooit meer een priester ziet. Ik begrijp goed de moeilijkheid van een herder, die belast is met 7 parochies. Ik heb nu het gevoel dat het allemaal erg zakelijk geworden is. Mijn ervaring in mijn Nederlandse periode leerde me dat een gevaar bestaat dat je opgeslokt wordt door vergaderingen. Ik had het gevoel dat ik niet meer toekwam aan echt priesterlijk werk Dat betekent niet alleen voorgaan in Eucharistievieringen in de weekends of door de weeks, in huwelijken en begrafenissen, doopvieringen, maar ook ziekenbezoek bij mensen thuis en in het ziekenhuis, gelegenheid geven aan mensen voor een geestelijk gesprek of counceling. Door persoonlijk contact met een priester wordt de christen in staat gesteld de levende Christus te ontmoeten, zijn genade te ervaren en zijn genezing en vergeving te ontvangen. Laat het zakelijke maar over aan pastoraatsgroepen, maar beleef je priesterschap in verbondenheid met je mensen door er te zijn voor hen.
Veel mensen haken af. Ze raken los van God en Kerk. Leden van een pastoraal team zullen te rade moeten gaan in hoeverre ze de H. Geest de kans geven om Zijn werk te doen. Dat kan alleen maar wanneer men samen komt in gebed.
Ik voelde me als een vreemdeling in de woestijn tijdens mijn laatste vakantie. Het balkon van het appartement van mijn familie waar ik verbleef, werd mijn kapel. Daar bad ik mijn brevier, daar overwoog ik de lezingen van de dag. Daar bracht ik mijn familie, vrienden en kennissen in gebed bij de Heer. En terwijl we prachtige kerkgebouwen hebben en dagkapellen, die bijna niet gebruikt worden en die doorgaans op slot zitten...............
Kom Heilige Geest vervul de harten van uw gelovigen en ontsteek in hen het vuur van uw liefde. Zend uw Geest uit en alles zal herschapen worden. En Gij zult het aanschijn der aarde vernieuwen.
Pater N., missionaris
Met verlof van de betreffende missionaris heb ik deze e-mail aan mij gepubliceerd om stem te geven aan de missionarissen die zich niet meer herkennen in de Nederlandse kerk die hen eens uitzond om te evangeliseren.




Ervaringen van een missionaris op vakantie