
Begroeting
Genade zij u en vrede van God onze Vader,
van Jezus Christus die ons heeft bevrijd
uit de macht van de dood,
en van de heilige Geest die ons leidt naar het eeuwig leven.
Broeders en zusters ,
in de viering van de eucharistie (of: in de viering in de kerk)
hebben wij troost en bemoediging gezocht
in het woord van God
(en in de deelname aan het Lichaam en Bloed des Heren).
Nu rest ons nog een laatste plciht:
wij gaan hier afscheid nemen van N.;
wij ervaren intens het onherroepelijke van de dood
en van dit afscheid.
De dood is echter niet het einde,
maar het begin van nieuw leven:
want alleen het vergankelijke kan vernietigd worden
terwijl het onvergankelijke blijft.
Mogen wij in ons verdriet
troost en kracht ontvangen van Gods Geest,
moge de Geest onze duisternis verdrijven
en de blijdschap van het paasfeest ons deel worden.
Bidden (zingen) wij daarom psalm 121:
Psalmgebed uit Psalm 121
Op de Heer stel ik mijn vertrouwen.
Op de Heer stel ik mijn vertrouwen.
Omhoog naar de bergen richt ik mijn ogen:
van waar kan ik hulp verwachten?
Mijn hulp zal komen van God de Heer,
die hemel en aarde gemaakt heeft.
Op de Heer stel ik mijn vertrouwen.
Hij zorgt dat uw voet niet struikelt,
Hij slaapt niet, die waakt over u.
Hij sluimert niet en Hij suft niet,
die over Israël waakt.
Op de Heer stel ik mijn vertrouwen.
De Heer is het die u behoedt,
Hij staat als een wacht aan uw zijde.
Bij dag zal de zon u niet deren,
bij nacht doet de maan u geen kwaad;
Op de Heer stel ik mijn vertrouwen.
De Heer bewaart u voor onheil,
uw leven houdt Hij in stand.
De Heer is bezorgd voor uw komen en gaan
op deze dag en altijd.
Men kan eventueel ook een andere psalm bidden of zingen. Hierna kan men een ogenblik luisteren naar muziek. Daarna vervolgt de voorganger:
Gebed
1
Bidden wij voor onze overledene en voor ons allen
met de woorden die een uitdrukking zijn
van ons gelovig vertrouwen.
Onze vader, die in de hemel zijt;
uw naam worde gehieligd;
uw rijk kome;
uw wil geschiede op aardee zoals in de hemel.
Geef ons heden ons dagelijks brood;
en vergeef ons onze schuld,
zoals ook wij aan anderen hun schuld vergeven;
en leid ons niet in bekoring
maar verlos ons van het kwade.
(Want van U is het koninkrijk
en de kracht en de heerlijkheid
in eeuwigheid.)
Amen.
2.
Barmharige Vader,
wij bidden U voor N. die ons dierbaar was.
Laat uw licht over hem schijnen,
schenk hem de verkwikking van uw paradijs
en geef hem uw vrede.
Wij zien naar U op,
Gij kent onze zorgen en ons verdriet.
Laat ons met vertrouwen en moed verder leven
op grond van uw beloften.
Door Christus onze Heer.
Amen.
3.
God, Gij schenkt het leven aan de mensen
en herstelt hun vervallen lichaam;
Gij wijst het gebed van de zondige mens niet af:
verhoor ons nu wij in onze droefheid
bidden voor de ziel van uw dienaar (dienares) N.:
bevrijd hem (haar) uit de dood
en maak hem (haar) gelukkig met uw heiligen
in de heerlijkheid van het paradijs.
Door Christus onze Heer.
Amen.
4.
God, uw dagen kennen geen einde
en uw barmhartigheid is onbegrensd:
herinner ons steeds aan de kortheid van het leven
en de onbekendheid met ons stervensuur.
Laat uw heilige Geest ons leiden door deze wereld
alle dagen van ons leven
in heiligheid en gerechtigheid,
zodat wij U hier op aarde dienen
in gemeenschap met uw Kerk,
vol vertrouwen door een vast geloof,
met de troost van een heilige hoop,
in oprechte liefde voor alle mensen:
om eens gelukkig binnen te gaan in uw Koninkrijk.
Door Christus onze Heer.
Amen.
Hierna kan een kort dank- en afscheidswoord worden gesproken door een van de familieleden of vrienden van de overledene. Daarna besprenkelt de voorganger het lichaam met wijwater.
Besprenkeling en het teken van het kruis
Heden zij uw verblijf in de stad van vrede
en uw woning in het heilige Sion.
Door Christus onze Heer.
Amen.
Ik teken uw lichaam met het teken van het heilige kruis,
opdat het op de dag van het oordeel zal verrijzen
en het eeuwig leven bezitten.
Door Christus onze Heer.
Amen.
Geloofsbelijdenis (eventueel)
Ik geloof in God, de almachtige Vader,
Schepper van hemel en aarde.
En in Jezus Christus, zijn enige Zoon, onze Heer,
die ontvangen is van de heilige Geest,
geboren uit de maagd Maria;
die geleden heeft onder Pontius Pilatis,
is gekruisigd, gestorven en begraven;
die nedergedaald is ter helle,
de derde dag verrezen uit de doden;
die opgestegen is ten hemel,
zit aan de rechterhand van God de almachtige Vader.
Vandaar zal Hij komen oordelen de levenden en de doden.
Ik geloof in de heilige Geest,
de heilige katholieke Kerk,
de gemeenschap van de heiligen,
de vergeving van de zonden,
de verrijzenis van het lichaam
en het eeuwig leven. Amen.
Terwijl er muziek klinkt lopen allen langs de baar en verlaten de aula.



DE GEBEDEN IN EEN CREMATORIUM
na viering in de kerk