Laat uw hart niet verontrust worden, zegt Jezus in het evangelie tegen ons. Wees toch niet bang. Laat je niet uit het veld slaan. Ja, we worden gemakkelijk uit het veld geslagen, we zijn nogal eens verontrust, omdat ons leven niet gladjes verloopt, omdat we te kampen hebben met moeilijkheden en ziekten; omdat er zoveel vreemde dingen gebeuren in de wereld en ook zelfs in de Kerk. In al die omstandigheden zegt Jezus tegen ons: laat uw hart niet verontrust worden. Wees maar niet bang, laat je toch niet in de war brengen. Je gelooft toch in God, geloof ook in Mij. Blijf maar bij Mij, dan hoef je nooit bang te zijn. Waarom zou je: Ik ben de weg,de waarheid en het leven. En die waarheid die Ik ben is niet beangstigend. Die geeft je rust en zekerheid. In Mij is immer de Vader onvoorstelbaar dicht bij jullie. Wie Mij ziet, ziet de Vader. Ik heb jullie leven gedeeld. Ik ben mens geworden zoals jullie. Ik heb armoede gekend; Ik heb liefde ondervonden maar ook haat en verraad van een vriend; Ik ben in de steek gelaten door wie me trouw gezworen hadden; Ik werd, jong nog, in de bloei van mijn jaren, aan een kruis geslagen, vertrapt, vernederd gedood. Is er iets wat jullie  meemaken voor teleurstellende dingen, die ik niet kan meevoelen. En toch zeg Ik jullie: wees nooit bang, laat je niet uit het veld slaan. Want Ik heb dat alles wat jullie zou kunnen verontrusten glansrijk overwonnen. Ik ben verrezen. Ik ben  sterker dan al die verontrustende dingen waarmee jullie in je leven te maken kunnen krijgen. Ik leef in de heerlijkheid van het vaderhuis, waarvoor Ik voor jullie die in Mij geloven een plaats bereid heb. Dat is de waarheid die Ik ben en die je door geloof in Mij ontvangt. Dat is het eeuwige leven, dat Ik jullie geef als je in Mij gelooft. En je kent de weg die je moet gaan in het leven om in dat hemels vaderhuis te komen, om uit te groeien boven de verwarring en de verontrusting van dit leven: dat ben Ik. Ik ben de weg. Als je met Mij verbonden leeft. Als Ik mag leven in jou, door mijn woord, door mij sacrament, door het geloof, dan leid Ik je op de weg naar het Vaderhuis. Dan hoef je je nu al niet meer door ieder groter of kleiner akkefietje uit het veld te laten slaan, terneergeslagen te leven. Dan leeft de heilige Geest in jou, die je voortstuwt op de weg naar Gods voltooiing dwars door de wisselvalligheden van het leven.  Broeders en zusters, het is telkens weer een gewetensvraag voor ons: mag Jezus werkelijk in ons leven, aanvaarden we de waarheid van zijn leven, aanvaarden Hem als weg ook voor ons; als weg door het leven, als weg, die leidt naar het hemels vaderhuis? Het is de weg van liefde en trouw, de weg je geven en je overgeven, de weg van offer en geduld; de weg van vertrouwen en hoop onder alle omstandigheden. Het is een pelgrimsweg met een duidelijk doel wat we steeds voor ogen moeten houden: het hemels vaderhuis, de eenheid met God. Het is de neiging van de moderne mens en dus van ons allemaal een beetje als we niet oppassen om niet verder te kijken dan dit leven. Er zijn zelfs christenen en theologen, die het woord hiernamaals in geruild hebben voor 'hiernumaals'. Het gaat hun om het hier en het nu. Hier moet je als christen leven. Wat er later komt, dat zien we dan wel weer. Dat is niet belangrijk. Misschien zijn we daarom ook dikwijls zo verontrust. Het loopt in het hier en het nu zo vaak anders dan we zouden willen. Christen zijn betekent hier en nu de weg van Christus gaan en je niet laten ontmoedigen door de tegenslagen die je erbij ontmoet, omdat je ten diepste weet, dat we hier op doortocht zijn en pas definitief thuis aan de overzijde van de dood: in het hemels vaderhuis, waar Jezus voor ons een plaats bereid heeft. Dat is de grond van onze hoop. Amen.
Vijfde zondag van Pasen
Bij: Hand. 6, 1-7
1 Petr. 2, 4-9
Joh. 14, 1-12
PREKEN
paaskring
jaar a