Als de Kerk in onze dagen haar stem verheft tegen be­paalde praktij­ken en ze als immoreel veroordeelt of als ze theorieën van bepaalde theologen als niet overeen­stemming met de door God geopenbaarde waarheid afwijst, dan wordt ze dikwijls als hard en liefdeloos be­stempeld. Liefde wordt dan zo'n beetje gelijk gesteld met het bewa­ren van de lieve vrede, ongerech­tigheden toedekken met de mantel der liefde. En dan wordt daar meestal bijgezegd: Jezus zou dat nooit gedaan hebben. Bij Jezus stond de liefde bovenaan in het vaandel.
Nou het evangelie van vandaag is het overduidelijke bewijs - en er zijn er veel meer in het evangelie - dat Jezus niet op compromissen of op de lieve vrede uit was. "Vuur ben ik komen brengen op aarde en hoe verlang ik dat het reeds oplaait. Meen ge dat ik op aarde vrede ben komen brengen? Nee, zeg Ik u, juist verdeeldheid". Op de parallelplaats bij Matheus staat: "Ik ben niet de vrede komen brengen maar het zwaard". Dat is iets anders dan de lieve vrede, die kost wat kost bewaard moet worden.  Het gaat Jezus om de waarheid, om de waarheid van God, die Hij komt openbaren. En er is voor Jezus geen echte liefde mogelijk zonder die waarheid te aanvaarden.  "Hiertoe ben Ik in de wereld gekomen om getuigenis af te leggen van de waarheid. Al wie uit de waarheid is, luis­tert naar mijn stem". En dan zijn er een heleboel men­sen, ook die zich christen noemen, die met Pilatus zeg­gen: ach, wat is waarheid; er zijn zoveel meningen; wat jij voor waar houdt, dat is waar. Als je dat zegt, wijs je in feite Jezus af, die van zichzelf getuigt, dat Hij de weg de waarheid en het leven is. En je kunt alleen echt van God houden als je die waarheid aan­vaardt.
De waarheid van God stuit in heel de Bijbel op tegenstand. Profeten hebben het zwaar te verduren. Jeremia wordt om wat hij zegt in de put gegooid. Johannes de Doper die Herodes terecht wijst wordt onthoofd
Ook Jezus ervaart aan den lijve dat de waarheid op tegenstand stuit: veel van zijn leerlingen lopen weg, als Hij zegt dat ze zijn vlees moeten eten en zijn bloed moeten drinken om het eeuwig te leven te hebben. Hij roept ze niet terug om­wille van de lieve vrede of om het grote aantal. Inte­gendeel Hij vraagt zijn apostelen: willen jullie soms ook weggaan, ga dan maar. En vandaag in het evangelie: Ik moet een doopsel ondergaan en hoe beklemd voel Ik Mij totdat het volbracht is. Hij weet dat zijn onbuigzame houding de kruisdood ten gevolge zal hebben. Het schrikt Hem af, maar Hij aanvaardt het als consequentie van Gods waarheid, die niet aanvaard wordt.
En Hij zegt tegen zijn leerlingen, tegen ons: houd er rekening mee: als je kiest voor Mij, als mijn waarheid aanvaardt, dan zul je op tegenstand stuiten, zelfs in je eigen gezin, in je eigen familie. Om­wille van Mij zal er ruzie zijn, onenigheid. En dat moet dan maar zo. Mensen worden gedwongen een keuze te maken. En als je kiest voor Jezus, voor leerling zijn van Hem, dan moet je van Hem en van zijn waarheid getuigen. En dat roept onher­roepelijk weerstand op van mensen die Hem niet of maar gedeeltelijk aanvaarden. Laat je daar­door niet afschrik­ken. Dat is het kruis, dat je uit liefde tot Mij moet dragen. Daarin toont zich de ware christelijke liefde: in het standvas­tig getuigen van de waarheid. De grote christelijke getuigen zijn de martelaren, die tot in de dood getuigden van de waarheid in Christus. En dan roep ik u in herinnering de heilige martelaren van Gorcum, die de dood aanvaarden omdat ze getuigden van hun trouw aan de paus als zichtbaar, apostolisch hoofd van de Kerk en trouw aan het katholieke geloof in de eucharistische offer. Zij hebben het evangelie van vandaag begrepen. En dat kan men niet zeggen van de vele priesters en gelovi­gen, die uit angst of omwille van de lieve vrede toen en nu compromissen sluiten, in feite Christus en zijn Kerk verloochenen voor de mode van de dag, voor de vrede in de familie- of kennissenkring.
Christen zijn vraagt keuze en je niet schamen voor de waarheid van Christus, zoals die in de leer en de moraal van zijn Kerk ongeschon­den door de eeuwen heen aan de mensen wordt voorgehouden. Chris­ten zijn is niet koste wat kost een wollige, gezellige vrede bewaren: het is getuigen van de waarheid, die in Christus is en die op weer­stand stuit bij jezelf maar ook bij anderen. Alleen zo vind je de ware vrede, die in Christus is, de vrede van een gerust geweten, omdat je geborgen bent in zijn waarheid en zijn liefde. Amen.
20STE ZONDAG DOOR HET JAAR C
Bij: Jer. 38, 4-6.8-10
Hebr. 12, 1-4
Lc 12, 49-53
PREKEN
zondagen
door het jaar c